Verborgen schatten van het Romeinse theater

Geschreven door
Aart Sierksma
Geschreven op
16 oktober 2018
Categorie
romeins-theater

Het Romeinse theater in Autun werd, vóór de vijftiende eeuw, lange tijd Cellier Jolyot (of Juliot) genoemd. Aan het einde van de 16de eeuw werd deze naam veranderd in ‘Caves Joyaux’.
In 1646 had Dubuisson Aubenay het idee naar voren gebracht om de naam van Caves Juliot in verbinding te brengen met Julio Caesare of Julio Sacrovico. Volgens hem was Joliot voortgekomen uit Jocis (spel, strijd) vanwege de wedstrijden die in de arena plaatsvonden.
Lacome, voormalig volksvertegenwoordiger van de Saône-et-Loire, schreef later dat “Cavea, in het Latijn, het deel van het theater aanduidde waar de toeschouwers zaten; het gebouw werd toen beheerd onder de naam Caves Joyaux, die in Autun de locatie van de tribunes van het Romeinse theater aanduidt”.

De naam van deze ‘Caves’, ook wel grotten genoemd, zou verklaard kunnen worden door het feit dat een zekere Jolyot, inwoner van Autun, de ronde gewelfde ruimtes als winkels gebruikte. Deze gewelfde ruimtes waren gemaakt om de tribunes van het oude theater te ondersteunen.
Deze locatie, buiten de muren van de stad, was echter een plek zonder enige bescherming en beveiliging. Volgens sommige historici waren deze ruimtes slechts een toevluchtsoord voor plunderaars.

Goud en zilver in overvloed
Een ander gevaar waar men bang voor was, waren de schatjagers. Volgens sommige legendes zijn er veel ontdekkingen gedaan in de Gallo-Romeinse ruïnes. Girard de Roussillon zou, nadat hij een visioen had gehad, in het theater van Autun een schat van anderhalf miljoen aan goud hebben gevonden. Daarnaast zou hij ook nog een grote hoeveelheid zilverstukken hebben opgegraven. Een onvervalst juweeltje! Dit zou de oorsprong van de naam ‘Caves Joyaux’ of ‘Caves aux Joyaux’ (juwelengrot) kunnen verklaren.

Aart Sierksma

Bron: lejsl, Le théâtre romain aurait abrité des trésors [Claude Chermain]